Kids skills Ben Furman gevisualiseerd

Als begeleider heb je vaak cliënten die last van iets hebben of kampen met probleemgedrag. Je reactie is dan om naar de oorzaken te gaan zoeken terwijl er ook andere manieren zijn om deze cliënten te helpen. Daarom hebben wij de methode “Kids Skills”, ontwikkeld door de Finse kinderpsychiater Ben Furman, gevisualiseerd met Sclera pictogrammen.

Deze methode vertrekt vanuit het idee dat kinderen eigenlijk geen problemen hebben, alleen vaardigheden die zij niet geleerd hebben. Dat betekent dat zaken waar kinderen tegenaan lopen: angsten, slechte gewoontes of probleemgedrag kunnen gezien worden als vaardigheden die nog onvoldoende ontwikkeld zijn. Furman pleit ervoor om de problemen te overwinnen door kinderen de gepaste vaardigheden aan te leren. Deze methode focust zich dus op wat het kind moet leren en besteedt nauwelijks aandacht aan het zoeken naar de mogelijke oorzaken van het probleem.

Wij geloven erin dat de methode “Kids Skills” ook bruikbaar is voor andere doelgroepen.  Op basis van Furmans boekje “mijn Kids Skills vaardighedenboek, ik kan het met een beetje hulp”, dat mooi geïllustreerd is met tekeningen ontwikkelden wij een visualisatie met pictogrammen ter ondersteuning van deze methode.

De wondervraag

De wondervraag kan gesteld  worden om het doel te bepalen. Voor sommigen is deze vraagstelling te moeilijk.  Met onze visualisaties hebben we deze vraag vereenvoudigd door gebruik te maken van pictogrammen , korte zinnen en ons te beperken tot de hoofdgedachte. Er is een versie met een glazen bol, een toverstokje, samen naar jouw film kijken en een optie om de wondervraag op een andere manier te stellen.

Complimenten in een gevisualiseerd jasje

Onder de drogreden dat het zoeken van visualisaties voor sommige begeleiders toch nog een tijdrovende bezigheid is, hebben we reeds een basispakket complimenten samen gesteld. Deze lijst is onvolledig en nodigt je uit de om de creativiteit van de cliënten te stimuleren.

Daniel Ofman zegt wel eens dat het kiezen van een kwaliteit uit een lijst met mogelijke kwaliteiten geen zin heeft , omdat het juist gaat om de betekenisverlening die de persoon zelf er aan geeft.  Voor het gebruik van pictogrammen geldt hetzelfde. Je kan de cliënt laten kiezen uit een aanbod van complimentenkaarten, maar je kan ook vragen welk compliment hij aan iemand wil geven en welk symbool dit voor hem het beste visualiseert.  .

Ervaring leert ons dat cliënten zo concreet mogelijk denken wat complimenten betreft dus bv. letterlijk zeggen “jij kan goed koken, knutselen.” Dit betekent dat je een heel gamma van complimenten kan samenstellen  en je samen met de cliënt op zoek kan gaan naar het juiste pictogram om zijn compliment te visualiseren.

We kozen voor de formulering “ jij kan goed…. “ omdat cliënten dit vaak ook zo verwoorden maar het spreekt voor zich dat je indien je met tekst werkt , je onder het pictogram de woorden van de cliënt kan plaatsen omdat dit de betekenisverlening is die hij eraan geeft.

In elke pictogram staat bovenaan een duim als symbool voor “ jij kan goed”

Onze indeling is zeer artificieel, maar heeft als voordeel dat de complimenten zeer vlug terug te vinden zijn voor de cliënten. Elke categorie heeft zijn eigen kleur.

  • Categorie 1 : gevoelens en gedrag
  • Categorie 2 : vrije tijd
  • Categorie 3 : taken
  • Categorie 4: algemeen

De schaalvraag

 

Het gebruik van schaalvragen is nuttig om :

  • Het gesprek te vertalen naar een concrete of zelfs een tastbare visualisatie.
  • Een meer gedifferentieerde zienswijze aan te reiken. Door gebruik van de schaalvraag wordt het voor de cliënt duidelijk dat niet alles zwart/wit is.
  • Duidelijk te maken dat niet alles meteen opgelost is, maar dat er kleine stappen in de richting van de doelstelling gezet kunnen worden.
  • Vast te stellen dat er al een aantal zaken goed lopen.

Sommige personen met of zonder beperking kunnen niet altijd nuances leggen en hebben soms de neiging zwart wit te denken. Door gebruik te maken van de schaalvraag breng je differentiatie aan.

De schaalvraag met Babushka popjes illustreert dat er differentiatie is. Ieder popje ziet er bijna volledig hetzelfde uit, maar er zijn toch steeds een aantal verschillen. Je stelt onmiddellijk vast dat er grote en kleine popjes zijn, m.a.w. niet alles is hetzelfde.  Op de foto van deze popjes waarop je met een whiteboardmarker een bolletje  kan aanduiden, kan je aanduiden waar je nu staat en waar je eventueel naar toe wil. .

De schaalvraag gevisualiseerd  a.h.v.  het weerbericht of met een verkeersverlicht (met slechts drie stappen voor wie de schaalvraag te ingewikkeld is) bieden we aan ter inspiratie om het gesprek met de cliënt te leiden.